Toolbox: Rijden in de mist
vrijdag 2 december 2011
Maandag 21 november zat Nederland ´potdicht´ door de mist. Vliegvelden waren gesloten, traumahelikopters bleven aan de grond, personeel op booreilanden zat vast, op de weg zag je geen hand voor ogen en de spitsstroken bleven dicht (omdat de verkeerscentrale niet kon zien of er voertuigen op de vluchtstrook stonden). Resultaat, rond 8:00 stond er al een file van 400 kilometer.
Het goede nieuws was dat er die ochtend juist minder ongelukken werden gemeld dan tijdens een normale maandagochtend spits. Het bleef bij wat kettingbotsingen en slippartijen door lokaal aanvriezende mist. Ofwel wij Nederlanders hebben ons rijgedrag die ochtend aan deze weersomstandigheden aangepast en dat is vanuit veiligheidsoogpunt een positieve ontwikkeling.
Hieronder wordt een tiental tips gegeven voor het rijden in de mist. Wellicht dragen deze tips er toe bij dat wij de volgende keer ook de kettingbotsingen en slippartijen kunnen voorkomen, zodat we met zijn allen zonder kleerscheuren veilig thuiskomen (al is dat later dan normaal).
Om de onderstaande tips beter te begrijpen is het goed te weten: wat mist eigenlijk is, hoe het ontstaat en dat je de risico’s van het rijden in mist niet onderschat.
Wat is mist en hoe ontstaat het?
Mist is een weersverschijnsel waarbij kleine waterdruppeltjes in de lucht zweven als een aerosol, wat het zicht beperkt. Mist kan zich vormen door afkoeling van zeer vochtige lucht of door menging van koude met warme vochtige lucht. De vorming van mist hangt af van veel factoren, zoals luchtvervuiling, begroeiing, reliëf en de nabijheid van open water.
Smog vergroot de gevaren van mist; doordat de mist heel laag hangt, kunnen de schadelijke gassen van auto’s niet stijgen en blijven ze hangen boven de weg wat het zicht nog verder verslechtert.
Mist is gevaarlijker dan sneeuw
Sneeuw zie je ver van tevoren al liggen en je weet dat het gladheid met zich meebrengt. Het zicht bij sneeuw(val) blijft veelal beter dan bij mist. Mist en met name de lokale mistbanken daarentegen doemen plotseling voor je op en je kunt niet zien hoe groot en dicht zo’n mistbank is. Vaak begint het met enkele flarden en denk je: 'Dat is weer zo'n mistflard, daar rem ik niet voor'. Terwijl een andere weggebruiker voor je daar anders over denkt omdat hij/zij verder in de dichte mistbank komt en door het gebrek aan zicht hard op de rem trapt. Ofwel, de automobilist voor je gaat remmen terwijl jij de ernst van de mistbank nog niet in de gaten hebt en nog op volle snelheid doorrijdt. Een extra gevaar bij lage temperaturen is dat mist kan aanvriezen en dan heb je het grootste risico’s van het rijden in de mist. De meeste grote verkeersongevallen (zeg maar verkeersrampen) ontstonden onder deze weersomstandigheden.
10 Tips voor het rijden in de mist
1. Wees voorbereid op mist
Luister voor je vertrek naar de weersberichten. Wordt er dichte mist verwacht, vraag je jezelf dan af of het wel zo nodig is dat je de weg opgaat. Kan je je afspraak niet verzetten.
Wordt er mist verwacht, plan dan meer tijd voor je reis. Tijdsdruk kan bij mist catastrofale gevolgen hebben. Let onderweg op tekenen die kunnen duiden op het opdoemen van een mistbank boven de weg. Als je nevelslierten of mist boven weilanden of sloten ziet, wees er dan op bedacht dat deze mist de weg kan opdrijven en als mistbank daar kan blijven hangen.
2. Halveer je snelheid en verdubbel je afstand
Hoe slechter het zicht wordt, hoe groter je afstand op je voorganger moet worden.
Als vuistregel geldt: bij een zicht van minder dan vijftig meter mag je vijftig km/h rijden. Dat kun je controleren aan de verlichtingspalen, die staan vijftig meter uit elkaar.
Pas je snelheid bij het zien van een mogelijke mistbank geleidelijk aan en vergoot de afstand tot je voorganger. Wacht dus niet met remmen tot je er midden in zit.
Ofwel verminder vaart of rem al vóór je de mistbank inrijdt. Achter opkomend verkeer ziet dat en gaat ook al bij goed zicht snelheid minderen. Zit je eenmaal in de mist, zorg dan dat de afstand tot je voorganger groot blijft.
3. Oriënteer je nooit alleen op de achterlichten van je voorganger
Als je je oriënteert op je voorganger dan heb je de neiging de afstand tot je voorganger te verkleinen. Hierdoor ontstaat menig kettingbotsing. Vervolgens zal je voorganger proberen de veilige afstand te vergroten door sneller te gaan rijden, waardoor de algehele snelheid toeneemt. Oriënteer je bij voorkeur op de rechterrand van de rijstrook en signaleringen (i.e. verlichtingspalen, hectometer paaltjes) langs de weg.
4. Weet waar je mistlampschakelaar zit
Voorkom dat je naar de schakelaar van je mistlamp moet zoeken op het moment dat je je midden in een mistbank bevindt. Op zo’n moment heb je je handenvol aan het letten op de weg en het verkeer voor en achter je.
5. Haal bij mist nooit in
Ten eerste kun je niet goed zien of er een tegenligger aankomt, die jou op zijn beurt ook niet goed ziet. Ten tweede rijd je tegen een muur van mist, omdat het achter je voorganger altijd minder mistig lijkt. Op een provinciale weg met een zicht minder dan vijftig meter is het sowieso verboden om in te halen.
6. Voer dimlicht en niet je grootlicht
Het grootlicht weerkaatst op de mist, zodat je tegen een muur van licht aan rijdt. Een tegenligger wordt door jouw grootlicht plotseling verblind.
7. Gebruik je achtermistlamp alleen als het zicht kleiner is dan 50 meter
Ofwel bij een zicht van meer dan 50 meter, is het licht van de mistlamp verblindend voor de chauffeur achter je. Bovendien is voor degene achter je niet goed te zien of je nu remt of dat je achtermistlamp aan staat. Verbetert je zicht, zet dan de mistlamp direct uit. Voormistlampen mag je al bij zicht van minder 200 meter aanzetten, maar dat is geen verplichting.
8. Bij mist (overdag) schakelt de automatische verlichtingsschakelaar niet aan
De sensor die de automatische verlichtingsschakelaar activeert, vangt bij mist overdag voldoende licht op en schakelt bij mist de lampen niet aan. Zonder licht rijden in de mist is verboden.
9. Neem bij het rijden van lange ritten in de mist meer pauzes
Het rijden in de mist vereist veel concentratie en is daardoor vermoeiend. Beginnen je ogen door het staren in de mist te branden, last dan een pauze in. Deze pauze kan je gebruiken om de lampen van je auto of windscherm van je motor schoon te maken.
10. Wees extra alert op aanvriezende mist
Wordt er mist voorspeld in combinatie met lage temperaturen, wees dan bedacht dat de mist kan aanvriezen wat gladheid veroorzaakt. Bovendien vriest de mist slechts plaatselijk aan en is daardoor erg verraderlijk. Bij mist in combinatie met lage temperaturen wordt geadviseerd niet de weg op te gaan.
Bron: http://nl.wikipedia.org/wiki/Mist, www.politie.nl, www. http://www.rtl.nl
