Toolbox: Tillen
zondag 1 november 2009
De rug is een kwetsbaar deel van ons lichaam en wordt vaak te zwaar belast, waardoor klachten ontstaan. Die klachten ontstaan niet alleen door het tillen van zware voorwerpen, door te buigen en te draaien, maar ook door langdurig in één en dezelfde houding te zitten of te staan.
Hoe zit je rug in elkaar?
Je rug bestaat onder andere uit:
- wervels
- tussenwervelschijven
- gewrichtjes die de verbinding vormen tussen de 'boven- en onderburen'
- bindweefselbanden ter versterking
- wervelkanaal met daarin het ruggenmerg en de zenuwwortels
Rugklachten: Je hebt ze zo, je komt er moeilijk van af
Als we onze wervelkolom strekken, buigen of draaien, worden die bewegingen veroorzaakt door de spieren die om de wervelkolom heen zitten. Onze rug krijgt het zwaar te verduren als die spieren worden overbelast en kunnen de spieren, de bindweefselbanden of in het ergste geval de tussenwervel-schijven beschadigen.
Rugaandoeningen kunnen ontstaan als:
- Je langdurig in één bepaalde houding zit of staat. Je gebruikt dan lange tijd achter elkaar dezelfde spieren, waardoor de bloedvoorziening belemmerd raakt. Het kan ook zijn, dat de gewrichten te lang in dezelfde houding zijn gebleven.
- Je herhalende bewegingen maakt. Hoe zwaarder het gewicht dat getild moet worden, des te groter is het risico van rugklachten.
De meeste mensen vergeten dat vaak ook het gewicht van het bovenlichaam moet worden verplaatst. Veel werkzaamheden die we verrichten, veroorzaken een gecombineerde belasting door houding en beweging. Denk bijvoorbeeld aan een stukadoor die zichzelf op een ladder in evenwicht moet houden (houding) en boven zijn hoofd de plekspaan langs het plafond haalt (beweging).
Als we onze rug overbelasten, kan dat leiden tot verschillende aandoeningen:
- spierpijn, door overbelasting van de lange rugspieren;
- spit, een acute vorm van spierkramp;
- slijtage (artrose) van de tussenwervelgewrichten (door zwaar werk of leeftijd);
- hernia, hierbij is de tussenwervelschijf beschadigd (de weke kern ervan puilt uit en drukt tegen de zenuwen).
Wie loopt risico?
In principe kan iedereen een rugaandoening krijgen. Toch is de kans erop groter bij beroepen waarbij het om zwaar lichamelijk werk gaat. Stratenmakers en bouwvakkers bijvoorbeeld, die in hun werk voortdurend moeten bukken en tillen. Machinebankwerkers die lang voorovergebogen staan en dan makkelijk een 'verkeerde' lichaamshouding aannemen. Verpleegkundigen die hun patiënten moeten tillen. Schoon-makers die veel werkzaamheden in gebukte houding verrichten en vaak dezelfde bewegingen moeten maken. Chauffeurs die lang in dezelfde houding achter het stuur zitten. Naast het soort werk spelen allerlei persoonlijke factoren een rol, zoals iemands: leeftijd, gewicht, lengte, geslacht, erfelijke aanleg, ervaring.
Wanneer loop je risico?
De manier waarop het werk wordt uitgevoerd en de omstandigheden waaronder je je werk doet, bepalen of je veel of weinig risico loopt.
- Hoe hoog moet je tillen?
- Moet je de last over een grote afstand verplaatsen?
- Is het voorwerp gemakkelijk te hanteren?
- Is het werktempo hoog of laag?
Hoe zijn rugklachten te voorkomen? 11 gouden regels voor verstandig tillen
- Buk en til zo weinig mogelijk en gebruik zoveel mogelijk hulpmiddelen.
- Verstandig tillen kost net zoveel tijd als onverstandig tillen: doe het dus met verstand.
- Bedenk vooraf hoe en waarheen je de last gaat verplaatsen, zodat je rekening kunt houden met eventuele moeilijkheden.
- Bepaal vooraf het gewicht van de last; til niet te veel ineens. Vraag je collega’s om hulp bij zware en grote voorwerpen.
- Sta steeds recht voor de last; til nooit met gedraaide rug: verplaats je voeten als je moet draaien.
- Bepaal het zwaartepunt van de last en zoek een goede balans alvorens met het echte tillen te beginnen.
- Til met twee handen, houd de last zo dicht mogelijk bij het lichaam, voorkom dat je moet reiken; til niet hoger dan schouderhoogte.
- Buig door de knieën, houd de rug zoveel mogelijk recht, beweeg langzaam. Gebruik vooral je buik- en beenspieren (beenspieren zijn 18 keer sterker dan de rugspieren!). Hetzelfde geldt voor het neerzetten van de last
- Zorg dat de weg vrij is van obstakels als je moet lopen met de last, gebruik stroeve schoenen bij gladde vloeren.
- Luister naar je lichaam: neem signalen serieus. Beginnende klachten kunnen snel erger worden. Je voelt zelf het beste wat je rug wel en niet kan hebben.
- Draag de juiste kleding, de spieren krijgen dan niet de kans af te koelen.. Met warme spieren is het beter werken dan met spieren die koud zijn. Let vooral extra op met een bezwete rug. Als die afkoelt heb je extra kans op rugpijn.
Bron: Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid: Verstandig tillen
