Wederzijds respect bepalend voor succesvolle samenwerking

 

Medio 2012 zal de opslagcapaciteit van de locatie van Vesta Terminal Flushing B.V. aan de Sloehaven te Vlissingen-Oost zijn gegroeid van 64.000 m3 tot 288.000 m3. Sinds september 2010 wordt er hard gewerkt aan de uitbreiding van het tankenpark in het havengebied van Vlissingen. De expansiedrift lijkt daarmee nog niet ten einde. Een vergunning voor de bouw van nog eens vier opslagtanks op deze locatie ligt al op de plank.

Gedurende de bouw heeft Arbo Support hier veiligheidskundige Tino van den Bulk gedetacheerd als projectcoördinator veiligheid. Tevens is hij op deze locatie verantwoordelijk voor de vereiste werkvergunningen. Het werken met mensen uit Tsjechië, Roemenie, Bulgarije, Rusland en Polen blijkt, zoals hij in deze bijdrage schetst, een vak apart te zijn.

 

“Na een aanloopperiode van ongeveer twee jaar, waarin de benodigde vergunningen voor het project zijn verkregen, is de uitvoeringsfase van het project medio 2010 aangevangen. Allereerst is begonnen met de civiele werkzaamheden, waarna al snel de start van de daadwerkelijke bouwwerkzaamheden volgde. Inmiddels is de Tsjechische aannemer OKZ met gemiddeld zo’n 100 man bijna 12 maanden aan de slag en de contouren van de tanks geven de skyline al een ander aanzien. Toezicht op de veiligheid en het verstrekken van de benodigde werkvergunningen vormen het leeuwendeel van mijn dagelijkse werkzaamheden. Technisch gezien brengt de uitbreiding van het tankenpark op deze locatie geen al te grote uitdagingen met zich mee. Maar het verstrekken van de vereiste werkvergunningen betekent wel dat je steeds als eerste op de bouwplaats aanwezig dient te zijn. Voor de werkzaamheden per tank wordt steeds één vergunning uitgegeven. Daarnaast werk ik met een algemene werkvergunning. Dat dit aantal zo beperkt is, komt vooral vanwege het feit dat de aannemer nagenoeg alle werkzaamheden zelf verricht. Er wordt weinig tot niet met onderaannemers gewerkt. Het inschakelen van derden, al was het bijvoorbeeld maar voor het huren van equipment, komt niet of nauwelijks voor.

 

Veiligheid

Wat betreft de veiligheid zijn er uitdagingen te over. OKZ werkt uitsluitend met Midden- en Oost-Europeanen, in jargon MOE-landers. Cultuurverschillen, taalbarrières en onbekendheid met Nederlandse wet- en regelgeving zorgen voor de nodige interventies. Voor het bijsturen is de platte organisatie van OKZ, evenals die van Vesta Terminals, een gelukkige bijkomstigheid. De lijnen zijn dan ook kort. Van belang is dat je je boodschap op de juiste manier weet te brengen. Of, zoals de Fransen zeggen: ‘c’est le ton qui fait la musique’. Alleen brengen de taalbarrières met zich mee dat je die boodschap, vooral bij de man op de werkvloer, vaker in gebarentaal dan in de voertaal moet overbrengen. Het feit dat de MOE-landers de voertaal niet of nauwelijks beheersen, zie ik als het probleem van de toekomst bij dergelijke grote bouwprojecten. Kostenbeperking is de tendens in de huidige bouwwereld. In de praktijk wordt dit al snel bereikt door het inhuren van arbeiders en/of aannemers uit de eerder genoemde landen. Je ziet dan ook op veel projecten steeds vaker arbeiders uit de voornoemde landen verschijnen. Niet alleen de taal is een barrière, ook hun cultuur speelt hen parten. Feedback zullen ze niet gauw geven, laat staan in discussie met je gaan. Of de boodschap begrepen is, is veelal de vraag. Je moet er dan ook bovenop blijven zitten, zij het op een ietwat speelse manier. Die grondhouding van deze mensen is ingegeven door de vrees voor het verlies van hun baan. De keerzijde van de medaille is overigens dat zij door een Westerse bril gezien haast overdreven gedisciplineerd zijn. Zonder opdracht geen actie. Eigen initiatief is een schaars goed. Als je je bewust bent van dit soort feiten en hen met respect tegemoet treedt, valt er prima te werken met deze mensen. Inmiddels staan er al meer dan 125.000 manuren op de klok. Al die tijd heeft zich slechts één ongevalletje voorgedaan. Dat er tot op heden weinig incidenten hebben plaatsgevonden heeft onder andere te maken met de beschreven discipline. Door zich strikt aan de voorgeschreven regels en opdrachten te houden, is er weinig ruimte voor afwijkend gedrag dat eventueel kan resulteren in incidenten. Wellicht kunnen wij ‘West-Europeanen’ hier nog een voorbeeld aan nemen.”

 

Vesta

Vesta Terminal Flushing B.V. maakt deel uit van de in 2004 opgerichte Mercuria Energy Groep, waarvan het hoofdkantoor is gevestigd in Genève. Deze private, internationaal georiënteerde bedrijvengroep behoort, met vier andere onafhankelijke handelondernemingen in olieproducten, tot de grootste ter wereld. In totaal werken er wereldwijd zo’n 750 personen bij de Mercuria Energy Groep. Naast de vestiging in Vlissingen heeft Vesta opslag- en productiefaciliteiten in België, Estland en Duitsland. In de VS, Canada, Argentinië en Equatoriaal Guinea maakt ook de winning van olie en gas deel uit van het activiteitenpalet.

Het afgelopen decennium heeft de Mercuria Energy Groep een spectaculaire groei doorgemaakt. Ter versterking van hun activiteiten zijn zij dan ook continu gericht op het overnemen van potentiële bedrijven in hun marktsegment.