Veiligheid is vol sprookjes. Over de mythe van trapleuningen wil ik eigenlijk niets meer zeggen of schrijven. Er zijn al zo vaak relativerende opmerkingen en grappen over gemaakt. Volgens mij hebben ze het uitgevonden bij een groot bedrijf in de chemische industrie. Daar is het verplicht om de leuning vast te houden bij het gebruik van de trap. Ik heb het intussen wel gehad met die kinderachtige discussies over voorbeeldig traplopen. Maar het onderwerp blijft mij achtervolgen. Waarom begint iedereen er telkens weer over? Gaat het om het voorkomen van valpartijen? Of is er meer aan de hand?

Een interview met de burgemeester. Hij maakt zich na onrust onder de bevolking weinig zorgen over de veiligheid van dat petrochemische bedrijf. Ook al kwamen daar gevaarlijke stoffen vrij en vond er een grote brand plaats. Hij stelt dat het bedrijf de veiligheid heel serieus neemt. Want als hij er op bezoek is en de leuning van de trap niet vasthoudt, corrigeert iemand van het bedrijf hem. Het gaat mij niet om de vraag of de zorgen van de bevolking terecht zijn of niet. Het gaat mij vooral om de manier waarop een burgemeester meent de ongerustheid van omwonenden te kunnen wegnemen: door te wijzen op die trapleuning.

Een gesprek op de autoradio. Over een thema dat af en toe populair is. Wat kunnen de verschillende risicodomeinen van elkaar leren over het omgaan met risico’s? Kunnen chirurgen en piloten iets van elkaar leren over veiligheid? Kunnen ziekenhuizen leren van de chemische industrie? Een topman uit de petrochemie was op bezoek bij een ziekenhuis en wordt geïnterviewd. Ik spits mijn oren en mis bijna de afslag op de snelweg. Als de journalist vraagt wat de gezondheidszorg kan leren van de chemische industrie antwoordt de captain of industry: “Wij leren in ons bedrijf: als je de trap afloopt, dan gebruik je de reling. Dat gebeurt in ziekenhuizen nog nauwelijks.” Het gaat mij niet om de vraag of ziekenhuizen kunnen leren van chemische bedrijven. Het fascineert mij vooral hoe iemand die slechts een paar minuten spreektijd heeft zijn voorbeelden kiest: hij wijst op die trapleuning.

Als veiligheidskundigen en risicomanagers weten we dat de kans op kleine ongevallen en valpartijen niets zegt over de kans op rampen. We weten dat voorbeeldige prestaties van een bedrijf op het gebied van kleine individuele ongevallen niet voorkomen dat daar een catastrofe plaatsvindt. Dat het vasthouden van de trapleuning op de Titanic geen aanvaring met een ijsberg had voorkomen. En bij dat chemische bedrijf geen rampzalige brand had verhinderd. Want een botsing met een ijsberg of een grote brand is geen optelsom van struikelpartijen. Het gaat immers om fundamenteel andere scenario’s.

Maar er lijkt meer aan de hand: de gemiddelde leek is gemakkelijk te imponeren. En je zou ook kunnen zeggen dat het allemaal een kwestie is van beeldvorming. Dat het allemaal draait om imago en om vertrouwen in het bedrijf en de bedrijfsleiding. En dat die trapleuning een effectief hulpmiddel is om dat omhoog te krikken. Het is de vraag of het vasthouden van de leuning op de trap persoonlijke ongevallen voorkomt. En het voorkomt al helemaal geen rampen met chemische installaties. Maar het voorkomt wel kritische vragen. En dat is mooi meegenomen. Toch handig, zo’n trapleuning. Niet om valpartijen te voorkomen, maar vooral om burgemeesters en journalisten te imponeren.