Bij Eemfors wordt stad- en groenonderhoud gedaan voor de regio Amersfoort. Naar aanleiding van een signaal van de bedrijfsarts dat relatief veel medewerkers pijnklachten hebben aan het bewegingsapparaat, is nader onderzoek gedaan naar de oorzaken en omvang van de problematiek.
De conclusies die uit dit rapport getrokken kunnen worden is dat maximale normen voor repeterende bewegingen en tillen worden overschreden en dat er onvoldoende preventief beleid is vastgesteld ter voorkoming van klachten.

Naar aanleiding van deze conclusies worden o.a. de volgende aanbevelingen gedaan:

• Verminder de hoeveelheid onkruid door afspraken te maken met opdrachtgevers over beplanting en onderhoud
• Stel een preventief beleid fysieke belasting op zodat knelpunten gesignaleerd en verholpen worden
• Voer voor het schoffelen en tillen een verdiepende RI&E uit en neem de hieruit voortvloeiende maatregelen
• Zorg voor adequate begeleiding van voorlieden bij hun taak om klachten te voorkomen.
• Stel gereedschap individueel beschikbaar en instrueer medewerkers over de werkwijze en risico’s.
• Leg afspraken vast over periodiek onderhoud van de gereedschappen

De conclusie en aanbevelingen zijn gebaseerd op de onderstaande bevindingen. Uit een gehouden enquête onder de schoffelploegen blijkt dat ruim 40% van de medewerkers klachten aan voornamelijk nek, schouders en rug heeft. Als voornaamste oorzaken noemen de medewerkers het schoffelen en het tillen van kruiwagens met groenafval in de laadbakken van de bussen. Er is aangegeven dat tijdens het groenseizoen zo’n 75% van de werkzaamheden bestaat uit schoffelen. Het afval dat hierbij ontstaat wordt in de laadbakken van de bedrijfsauto’s afgevoerd naar de stortplaats. De hoogte van de rand ligt tussen 1.35 m en 1.60 m.

De resultaten van de enquête worden bevestigd door de resultaten van het Preventief Medisch Onderzoek uit 2010. Na analyse van enquête en PMO, zijn interviews gehouden met unitmanagers, teammanagers, voorlieden en de P&O-adviseur. Hieruit is duidelijk geworden dat er in de organisatie onvoldoende preventief beleid is vastgesteld ten aanzien van fysieke belasting. Ook zijn de genoemde werkzaamheden niet als fysiek belastend bestempeld in de RI&E. In de ploegen zelf is bekend welke medewerkers klachten hebben. Hiervan vindt geen registratie plaats. Ook wordt ziekteverzuim niet op oorzaak geregistreerd. Het gevolg is dat de omvang van de problematiek niet bekend is op centraal niveau, en er geen maatregelen worden genomen om de klachten te verminderen. De oorzaken van de klachten blijven hierdoor bestaan.

Uit de interviews bleek tevens dat niet iedere medewerker zijn of haar eigen gereedschappen heeft. Hierdoor kan niet altijd een juiste werkhouding worden aangenomen. Men is ontevreden over het assortiment gereedschap waaruit gekozen kan worden.
Afspraken voor periodiek onderhoud van deze gereedschappen zijn niet vastgelegd. Er is een tweetal meetmethoden geselecteerd waarmee steekproefsgewijs de belasting is bepaald: de HARM-methode voor het schoffelen en de NIOSH-methode voor het tillen van de kruiwagens. De resultaten zijn dat voor beide werkzaamheden de maximale normen worden overschreden, en er maatregelen nodig zijn om de belasting terug te dringen.

De eindscriptie ‘Pijn is niet fijn’ op MVK-niveau is geschreven door Wendela Brunia.

De scriptie is via http://www.copla.nl/veiligheidskundigen/veiligheidskundigenweb opvraagbaar.